Religie & Ziekte

04-07-2021

(met dank aan Patricia & Johan)
Img

Ruimte voor religie

Ik had vorig jaar de (nooit verwachtte) ruimte in mijzelf gevonden om te kijken of ik mijn culturele christelijke wortels kon garneren met een oprecht gevoel van geloof. Om de christelijke wortels te voeden had ik als Pokon het bezoeken van kerken, las stukken bijbel en probeerde het gebed. Na deze eerlijke en oprechte pogingen wist ik meer dan ooit tevoren dat ik niet voor godsdienst ben ingericht. Er zijn gelovigen in mijn kring die lief voor mij bidden, wat ik oprecht enorm waardeer. Alle beetjes helpen, en baat het niet, dan schaadt het niet. Soms voel je jezelf als ongelovige heiden ergens dan toch schuldig, alsof je het gebed uitbesteed. Tegenwoordig weet men veel over de oorzaken van aandoeningen, en is er uit onwetendheid zoals vroeger gebeurde, geen bovennatuurlijke kracht meer nodig om een ziekte te verklaren. Je ziet tegenwoordig religieuze mensen de natuurlijke oorzaak accepterend, het is immers Gods schepping, en de natuur is God. Een religieuze reden of betekenis aan een ziekte geven, biedt misschien meer troost dan een Atheïstische levensvisie? Zou kunnen. Op zoek naar troost kan religie lonken.

Niet klagen, maar dragen

Zelf heb ik mij nooit de vraag gesteld waarom mij dit overkomt, iets wat je als gelovige misschien jezelf wel sneller afvraagt. Ik ben meer 'berustend' in de wetenschap dat natuurlijke selectie nu eenmaal vaak een afwijkend gen voortbrengt, die of schadelijk is, of juist ten goede uitwerkt. Voor velen gelovigen overkomt je niets voor niets, en veel situaties hebben dan een reden en betekenis. Een vorm van gebed is dan de aflaat waarbij je moet hopen dat het goddelijke jou welgezind zal zijn. Religies kennen op vandaag een redelijke ruimte toe aan 'pech' en 'toeval', en zijn in principe erg gericht op genezing, getuige alle bedevaartsoorden en de input van nonnen vroeger in de gezondheidszorg. Maar er zijn toch ook tal van verhalen, dat de pastoor of de betrokken gemeenschap zich afvroeg wat die mensen met gehandicapte kinderen toch fout hadden gedaan. Er is een minder gehoorde gedachtentrant in het Christendom, en vooral ook binnen de Islam, wat wel iets moois lijkt te hebben. Dat je als ernstig zieke speciaal zou zijn, met een voor jou toebedeelde taak, om er constructief mee om te gaan. Verwijzend naar innerlijk werk om een beter mens te worden. Straf en boetedoening transformeert dan in een vorm van heldendom en martelaarschap. "Niet klagen maar dragen". De aandacht ligt dan nogal op het lijden, conform de profeet die het lijden droeg, wat wij dan als tragisch slachtoffer idealiter ook moeten nabootsen, om ons tot een status van een soort heldendom te verheffen.

Karma? Vloek? Toeval?

Het liefste zou ik zien dat een zieke of gehandicapte altijd zelf de vrijheid heeft diens aandoening te duiden zoals hij of zij dat zelf wil, zonder dat anderen dat opleggen. Of het nu religieus of atheïstisch is. Het is waarschijnlijk ook een heel geworsteld wat de relatie betreft tussen ziekte en de zonden. Volg je een oosterse traditie zoals het Hindoeïsme, vraag je jezelf misschien af waar je die karma ooit opgelopen hebt. In een verleden leven misschien? Of draag je het karma van je ouders, of misschien van de hele familie? Ben je bijgelovig is het denken aan een vloek een mogelijkheid. In sommige Afrikaanse landen zoeken ze vaak nog in die hoek van beheksing en magie. Het breed spectrum van religieuze stromingen biedt dus een even breed pallet aan visies hoe men over een ziek en mindervalide persoon denkt. Ook over hoe deze persoon over zichzelf denkt. Uiteenlopend van 'griezelig, gevaarlijk of vervloekt', via het midden van ‘raar’ en 'verdacht', tot aan het andere uiterste van een ‘halve heilige’. Wat dat betreft ben ik wel blij te leven in het religieus gematigd multicultureel landschap van Nederland. Maar ook in Nederland is de norm ‘gezond’ nog altijd gekoppeld aan ‘het normaal’, en ‘ongezond’ is daarbij ‘abnormaal’.

Een normale menselijke conditie

Ik vind een ziekte een normale menselijke conditie, omdat wij ziek kunnen worden, waarbij je al je menselijkheid behoud; dus niet dat je als mens degradeert, maar ook geen verheffing ondergaat. Ook vanuit juist liefdadigheid kun je gelabeld worden als een soort van bij-mens, of paria. Ik ben niet een speciaal mens en mijn ziekte is ook geen speciaal teken. Verder onderga ik ook geen straf of speciale boetedoening. Ik ben nog altijd ieders mede-mens. Hoezeer ik ook sommige religieuze tradities en visies waardeer, in geval van ziekten en beperkingen heb ik persoonlijk niks met de verklaringsmodellen, omdat het voor mij de aandacht weg trekt van de realistische omgevingsfactoren en de aandoening zelf. Zonder religieus verklaringsmodel bestaat er volgens mij wel zoiets als een soort culturele druk. We leven in een maatschappij en cultuur waarin gezondheid de norm is, door gezond te eten, te werken en te sporten, waar je lijkt te falen als je iets overkomt, omdat via deze maakbaarheidscultuur de illusie wordt gewekt dat we alles zelf in de hand hebben en kunnen fixen. Ook onze gezondheid. Dit laatste is de 'religie' van de atheïst, die vaak moet leren inzien dat gezond leven zeker wel bijdraagt aan een goede gezondheid, maar deze nooit of te nimmer garandeert. Een handicap door ziekte krijg je gewoonweg onverdiend en ongevraagd. Normale botte pech.

Geen atheïst

Ik ben toch geen ongelovige Atheïst, meer Boeddhist, die op de spits ook niet geloofd in een God. De moderne natuurwetenschappen die ik volg op gebied van de kwantumfysica, lijken meer en meer aan te tonen dat alles in het universum om ‘informatie werven en doorgeven’ gaat. Steeds meer wetenschappers zijn het hierover eens, hoewel ze beseffen dat dit wel eens op het kleinste niveau een informatie-krachtveld kan inhouden wat je zou kunnen zien als een universeel ‘weten’; kortom een kosmisch bewustzijn. Binnen dit wereldbeeld van geen scheppende god (eerder een zoekende) kan gewoon de informatie ‘zoekende’ natuurwet van diversiteit en selectie diens gang gaan, gericht op het ‘vinden’ van geschikte mutaties wat het leven verbeteren kan. Helaas verloopt dit pad ook langs allerlei onsuccesvolle mutaties, ziekten tot gevolg. Maar leven zonder dit proces evolueert niet, dus is het een noodzakelijk kwaad wat alleen bestreden kan worden door de medische wetenschap en specialisten. Dat zijn mijn engelenscharen van de hoop. Via gebed bereik ik ze niet, maar eenvoudiger, met mail en telefoon wel. En mochten ze mij ooit als door een wonder genezen, slaak ik geknield met gevouwen handen geen kreet; “dank u God!”. Nee, het zal dan zijn; “dank u Dokter!”. Gedachten zijn voor mij geen wazige chaotische vluchtige windvlagen van de geest, louter en alleen bedoeld als voer voor poëten, filosofen, psychologen en psychiaters. Zoals Boeddha gezegd zou hebben: “Het is voor ons belangrijk om goede gedachten te hebben, want wij worden wat wij denken.” Interessant inzake dit onderwerp is het Nocebo-effect. Google daar maar eens op. Erg bijzonder wat onze gedachten kunnen doen met onze gezondheid! Gedachten zijn ook dingen.